Schuldquote
De netto schuldquote van de gemeente bedraagt 28%. Gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden bedraagt de quote 22%. De doorgeleende gelden betreffen met name de leningen aan een woningbouwcoöperatie. Het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) staat garant voor deze leningen. Het kredietrisico wordt daarmee beperkt. De schuldquote van de gemeente is als laag te bestempelen. De netto-schuldquote in de begroting 2025 was met 50% fors hoger. In de begroting werd namelijk rekening gehouden met het aantrekken van een geldlening in 2025. Door diverse redenen* was de liquiditeitspositie hoger in 2025 en hoefde er geen lening afgesloten te worden. Doordat er enkel aflossingen van leningen zijn in 2025, daalt de schuldquote ten opzichte van 2024.
* Verwezen wordt naar de toelichting op het saldo van de financieringsfunctie in de paragraaf Financiering.
Solvabiliteit
De solvabiliteitsratio bedraagt 47,5% en is daarmee 1,5% gestegen t.o.v. de ratio in de jaarrekening 2024. De stijging wordt veroorzaakt door een lichte daling van de schulden en de toename van het eigen vermogen met circa € 7,5 miljoen. Het landelijk gemiddelde van deze ratio in de gemeenteklasse (45.000-60.000 inwoners) is 36%. De solvabiliteitsratio zit boven de kritische bandbreedte van 20-30% en is als normaal te beschouwen. Het feitelijke verloop van de ratio wordt beïnvloed door het werkelijke investeringstempo en de behoefte om hiervoor geld aan te trekken en de ontwikkeling van het eigen vermogen of wel de reserves.
Structurele exploitatieruimte
In de periode 2019-2021 was het kengetal negatief. De omslag naar een positief kengetal vanaf 2022 (3,48%), met een stijging tot 7,13% in 2024, is in 2025 niet doorgezet. Het percentage bedraagt in 2025 namelijk 4,7%. Dit betekent dat de structurele baten nog steeds hoger zijn dan de structurele lasten, maar dat het verschil tussen beiden lager is. .In het grafisch overzicht wordt dit op een andere manier weergegeven: hier wordt aangegeven of alle structurele lasten worden gedekt door structurele baten. Dit is voor 104,7% het geval.
Grondexploitatie
De waarde van de grondexploitaties in relatie tot de totale baten van de gemeente is in 2025 iets gedaald afgenomen van 9,63% naar 9,43%. De quote blijft hiermee ruim in de veilige zone. Een quote beneden de 20% wordt namelijk niet als risicovol aangemerkt.
Belastingcapaciteit
De woonlasten van de gemeente zijn lager dan het landelijke gemiddelde (94,01%). Ten opzichte van 2024, toen de belastingquote 94.67% bedroeg, is er iets meer ruimte ontstaan om structurele lasten op te kunnen vangen via belastingheffing.
Weerstandsvermogen
Het weerstandsvermogen is toegenomen, van 2,26 in 2024 naar 2,58 in 2025. Dit wordt enerzijds veroorzaakt doordat de risico's qua omvang circa € 725.000 zijn gedaald. Anderzijds is de beschikbare reservecapaciteit met circa 3 miljoen toegenomen. Per saldo betekent dit een toename van het weerstandsvermogen.
